Werkloosheid Nederland › Jeugdwerkloosheid

Jeugdwerkloosheid in Nederland

154.000 jongeren tussen 15 en 25 jaar zoeken werk — 8,6% van hun beroepsbevolking.

Jeugdwerkloosheid
8,6%
15 tot 25 jaar
Alle leeftijden
4,0%
15 tot 75 jaar
Verhouding
2,2×
zo vaak als het landelijk gemiddelde
Vergeleken met een jaar eerder
+0,2
procentpunt gestegen

Werkloosheid per leeftijdsgroep

Seizoengecorrigeerd percentage in juli 2026.

15 tot 25 jaar 8,6%
25 tot 45 jaar 3,4%
45 tot 75 jaar 2,5%
15 tot 75 jaar 4,0%

Verloop van de jeugdwerkloosheid

Werkloosheidspercentage onder 15- tot 25-jarigen, laatste 60 maanden.

6,0% 7,0% 8,0% 9,0% 10,0% 08-21 04-22 12-22 08-23 04-24 12-24 08-25 07-26

Waarom ligt de jeugdwerkloosheid zoveel hoger?

Het is deels een rekenkundig effect

Veel jongeren volgen een opleiding en werken daarnaast in een bijbaan. Wie studeert én zoekt naar werk telt mee in de werkloze beroepsbevolking, terwijl studenten die niet zoeken buiten de beroepsbevolking vallen. De noemer is daardoor klein, waardoor een beperkt aantal zoekende jongeren al snel een hoog percentage oplevert.

Instromen kost tijd

Jongeren beginnen vaker aan een nieuwe baan, hebben vaker een tijdelijk contract en wisselen vaker van werk. Tussen twee banen in zit dan een periode van zoeken, die in deze cijfers als werkloosheid meetelt. Het gaat daardoor vaak om kortdurende werkloosheid, niet om langdurig zonder werk zitten.

Conjunctuur raakt jongeren het eerst

Bij economische tegenwind worden tijdelijke contracten als eerste niet verlengd en wordt er minder geworven. De jeugdwerkloosheid reageert daardoor sneller en heftiger op een omslag dan het landelijke cijfer — in beide richtingen.